Houtproductie in domeinen van het Agentschap voor Natuur en Bos

Houtproductie in domeinen van het Agentschap voor Natuur en Bos

5 februari 2018 om 10:56 door Vincent Kint

Carmen Merino Zamora.jpg

Hout uit duurzaam beheerde bossen is een hernieuwbare grondstof die ook in Vlaanderen gegeerd is. We gebruiken allemaal hout, elke dag en vaak onbewust. Hout draagt bij aan de circulaire economie en een duurzame toekomst.

Het ANB streeft naar veerkrachtige en biodiverse bossen, met veel structuur, dood hout en boomsoortenvariatie. We stemmen ons beheer af op de ambitieuze Vlaamse en Europese natuurdoelen, met habitats voor verschillende soorten, waar ook mensen welkom zijn en rust vinden. In tegenstelling tot wat soms gedacht wordt, hoeft dit geen belemmering te zijn voor houtproductie. Houtoogst en het bijbehorende bosbeheer zien wij als complementair aan en ondersteunend voor onze natuurdoelen. Bossen groeien doorgaans beter, zijn gezonder en leveren ons meer diensten als ze goed beheerd worden, en daar horen houtkap en bosverjonging nu eenmaal bij.

Het ANB ziet houtproductie als een volwaardige doelstelling in haar domeinen. Met ruim 26.000 hectare bos in eigen beheer is het ANB bovendien de grootste houtproducent in Vlaanderen. We hebben bij gevolg ook een maatschappelijke rol te vervullen op dit vlak. Wij streven naar de hoogste standaard van natuurbeheer en combineren dit met een verantwoorde en doordachte houtoogst. Ons motto is: ‘veelzijdig hout uit topnatuur’.

Deze ambitie vertaalt zich in een aantal onderliggende beheerkeuzes. We oogsten niet overal: stukken met kwetsbare natuur of stukken waar we streven naar onbeheerde climaxvegetaties (bijvoorbeeld in bosreservaten), laten we ongemoeid. We schatten dat op ongeveer 20% van de oppervlakte van onze ANB-domeinen houtoogst niet aan de orde is. Ook in de overige 80% of ruim 21.000 hectare productief bos stellen we ons beheer af op ecologische processen en de vooropgestelde natuurdoelen. Zo geven we de voorkeur aan goed aangepaste inheemse soorten boven snelgroeiende exoten, kiezen we steeds vaker voor boomgericht beheer en spelen we maximaal in op spontane natuurlijke processen. Als Agentschap voor Natuur en Bos nemen we daarbij onze verantwoordelijkheid om de Europese natuurdoelen te helpen realiseren. Tegelijk voeren we zo onze eigen beheervisie voor openbare bossen uit (Afdeling Bos en Groen 2001).

Optimalisatie van beheer in functie van houtoogst

Binnen het hierboven geschetste kader wil het ANB ook duurzame houtoogst realiseren. Maar hoe? Is er nog ruimte voor bosbouwkundige keuzes die houtoogst optimaliseren? Of zijn de randvoorwaarden zo dwingend dat houtoogst loutereen nevenproduct wordt van andere prioritaire beheerkeuzes?

Om die vragen te beantwoorden heeft het ANB een studie laten uitvoeren (ANB 2017) om concrete beheeraanbevelingen te formuleren voor houtproductie in ANB-domeinen. Daarbij werd ook de impact van het voorgestelde beheer op de soortensamenstelling en de productiviteit van onze bossen doorgerekend voor de periode 2015 tot 2115.

BOX – Methodiek van de studie “Opmaak van houtproductiedoelen voor Vlaamse bossen in beheer bij het Agentschap voor Natuur en Bos”.

In deze studie werd de rekentool Sim4Tree gebruikt (Dalemans et al. 2015), beschikbaar via https://www.ecopedia.be/pagina/sim4tree. Sim4Tree gaat uit van de best beschikbare kennis over actuele soortensamenstelling, leeftijd en groeiplaats van bos in Vlaanderen. Daarbij wordt ook rekening gehouden met voorlopige resultaten van de tweede Vlaamse bosinventarisatie. Met Sim4Tree werden meer dan 100 verschillende beheerscenario’s doorgerekend en onderling vergeleken, om zo tot concrete beheeraanbevelingen te komen die zowel de Europese natuurdoelen en onze eigen beheervisie uitvoeren als de houtproductie optimaliseren. We hebben daarbij gefocust op de ruim 21.000 hectare productief bos in beheer bij het ANB. De resultaten kunnen dus niet automatisch geëxtrapoleerd worden naar overig openbaar bos of privébos, waar de uitgangssituatie en de beheerdoelstellingen anders kunnen zijn dan in ANB-domeinen.

Het is belangrijk ook enig voorbehoud te maken bij de prognoses van Sim4Tree. We moeten rekening houden met onzekerheid op de boskaart en de bossamenstelling zoals ze in Sim4Tree opgenomen zijn. Ook Sim4Tree zelf maakt aannames en gebruikt modellen die soms ver van de realiteit staan.  Zo rekent de tool met klassieke opbrengsttabellen en met homogene gelijkjarige opstanden van 1 hectare groot. Een en ander maakt dat de simulaties een tendens hebben tot overschatting van de oogst (10-30%) en onderschatting van de voorraad (0-20%). Bovendien maken we in onze scenario’s heel wat aannames over toekomstig beheer en zijn de mogelijke effecten van klimaatverandering op groeiplaatskwaliteit en groei niet meegerekend. Voor een correcte interpretatie van de resultaten is het essentieel om in de eerste plaats naar trends en grootteordes te kijken, eerder dan naar exacte cijfers.

Bij de onderlinge vergelijking van de beheerscenario’s hielden we rekening met de voorkeuren van onze regiobeheerders. Zo kregen scenario’s die goed scoorden op de criteria ‘samenstelling en structuur’ en ‘robuustheid tegen klimaatverandering’ een streepje voor. Ook de omvorming van naaldhout naar inheems loofhout werd als prioritair beschouwd ten opzichte van een gelijkmatige oogst doorheen de tijd. Anderzijds was er ook een duidelijke vraag naar het waarborgen van productiviteit en oogst op lange termijn en naar het gebruik van productieve niet-invasieve exoten op plaatsen waar dit de natuurdoelen niet in het gedrang brengt en niet leidt tot groeiplaatsdegradatie.

Op basis van de simulaties met Sim4Tree en een uitgebreid participatief traject formuleerden we de volgende beheeraanbevelingen:

  • Stel een jaarlijkse kaplimiet in van maximaal 1% van de productieve oppervlakte, omwille van duurzaamheid, leeftijdsopbouw en haalbaarheid. Voorziene eindkappen die deze kaplimiet overstijgen worden uitgesteld en later prioritair uitgevoerd.
  • Realiseer eindkap en verjonging bij voorkeur op een bosbouwkundig zinvol moment. Kies daarbij een bedrijfstijd of een doeldiameter die aangepast is aan de groeiplaats. Op rijke groeiplaatsen kan gestreefd worden naar een eindkap op relatief jonge leeftijd, met positieve effecten op het financieel resultaat.
  • Hou in het kader van de realisatie van de natuurdoelen binnen Natura 2000-gebieden een continu ritme van omvormingen en ontbossingen aan, ongeacht de leeftijd van de om te vormen opstand. Respecteer buiten Natura 2000-gebieden wel steeds de vooropgestelde bedrijfstijd of doeldiameter alvorens om te vormen. Dit vermijdt opbrengstderving. De simulaties tonen ook aan dat dit de realisatie van de Europese natuurdoelen niet in het gedrang brengt.
  • Voor sommige soorten zijn hoge doeldiameters zinvol. Bomen mogen dan oud en dik worden voor ze gekapt worden. Als ecologische randvoorwaarde geldt in het bijzonder een stand-still van dikke bomen in de hoogste diameterklasse.
  • Kies bij verjonging wat vaker voor soorten met hoge gemiddelde volumeaanwas. Hou wel steeds het principe van groeiplaatsgeschiktheid voor ogen en streef bij verjonging in het kader van natuurdoelen steeds het natuurstreefbeeld na.
  • Niet-invasieve exoten kunnen buiten Natura 2000-gebieden ook op lange termijn behouden blijven, op voorwaarde dat het stand-still principe van natuurwaarden en groeiplaatskwaliteit op bestandsniveau gerespecteerd wordt. Streef ook hier naar menging en differentiatie van exoten in functie van verbeterde structuur, productiviteit en klimaatadaptatie.

Verwachte evolutie van soortensamenstelling en productiviteit in ANB-domeinen tot 2115

We simuleerden de te verwachten soortensamenstelling en houtproductie tot 2115 op de productieve bosoppervlakte in beheer bij het ANB. Daarbij werd rekening gehouden met de realisatie van de Europese natuurdoelen, met onze eigen beheervisie en met een aangepast bosbeheer in functie van houtoogst op basis van de opgesomde beheeraanbevelingen.

Voor een correcte interpretatie van de resultaten is het essentieel om in de eerste plaats naar trends en grootteordes te kijken, eerder dan naar exacte cijfers (zie ook BOX).

De productieve bosoppervlakte binnen ANB-bossen wordt geschat op ongeveer 21.200 hectare in 2015, met een lichte afname tegen 2115 ten gevolge van het creëren van bijkomende open natuur (hier moeten we volledigheidshalve vermelden dat nog niet alle bebossingen in kader van de natuurdoelen in de simulaties konden opgenomen worden). In die 100-jarige periode wordt in totaal ruim 9200 hectare bos omgevormd van één boomsoort naar een andere. De soortensamenstelling evolueert duidelijk in de richting van meer inheems loofhout (FIG. 1), van 34% in 2015 naar 72% in 2115. Voornamelijk de oppervlaktes van zomereik en berk nemen toe, maar ook beuk en ander loofhout komen meer voor. De oppervlakte naaldhout wordt gehalveerd, de oppervlakte exoten daalt met ruim 60%. Het totaal aandeel inheemse soorten (inclusief grove den) stijgt van 63% in 2015 naar 86% in 2115. Het aandeel dikke bomen (>80 cm diameter) neemt toe van 0.4% naar 3.7%.

Figuur 1: Evolutie van de soortensamenstelling in productieve ANB-domeinen tussen 2015 en 2115. ‘open’ slaat op alle open natuur.

We blijven doorlopend hout oogsten (FIG. 2), aanvankelijk zelfs een iets hoger volume dan nu het geval is ten gevolge van de actieve omvormingen en bosverjonging omwille van natuurbehoud. De gemiddelde oogst ligt op 127.000 + 16.000 m³/jaar, met pieken tot ruim 150.000 m³/jaar. Hierdoor verwachten we een daling van de houtvoorraad (van 276 m³/ha naar 217 m³/ha) en van de jaarlijkse bijgroei van hout (van 9.5 m³/ha.jaar naar 6.4 m³/ha.jaar) in onze bossen. Deze daling van voorraad en aanwas is tijdelijk: vanaf 2085 gaat het terug in stijgende lijn.

Figuur 2: Evolutie van de totale voorraad (links) en oogst (rechts) in productieve ANB-domeinen tussen 2015 en 2115.

Als we naar individuele soorten kijken, valt het op dat de oogst en voorraad van loofhout systematisch stijgen (FIG. 3). Beuk lijkt de enige uitzondering, te wijten aan de specifieke leeftijdssamenstelling van beuk in Vlaanderen. De oppervlakte beuk neemt in elk geval toe (FIG. 1), waardoor op langere termijn dus ook een hogere oogst en voorraad voor beuk te verwachten valt. Bij het naaldhout is er een verhoogd oogstcijfer tot minstens 2050, een rechtstreeks gevolg van de actieve bosomvormingen in deze periode. Maar ook nadien blijft naaldhout beschikbaar op de markt. Vanaf 2085 is er terug een voorraadtoename te verwachten, wat de productie van naaldhout in Vlaanderen lijkt te bestendigen, weliswaar op een lager peil dan vandaag.

Figuur 3: Evolutie van de voorraad (links) en oogst (rechts) voor de belangrijkste boomsoorten in productieve ANB-domeinen tussen 2015 en 2115. Bovenaan loofhout, onderaan naaldhout.

In algemene termen verwachten we dat een eventuele vertraging in de uitvoering van beheermaatregelen enkel zal leiden tot spreiding van de oogst en afvlakking van de voorraaddaling doorheen de tijd. Het eindbeeld wordt dan pas later bereikt maar blijft verder ongewijzigd.

Conclusie

Het ANB neemt houtproductie in haar domeinen serieus. Wij blijven inzetten op duurzame houtoogst en een gepaste verjonging, in lijn met de Europese natuurdoelen, onze eigen beheervisie en met aandacht voor optimalisatie van productie en inkomsten. De resultaten van de studie worden momenteel breed gecommuniceerd en het ANB heeft voor de komende jaren een concreet stappenplan uitgetekend om de beheeraanbevelingen ook toe te passen in de eigen domeinen. We zijn ervan overtuigd dat al deze inspanningen verder zullen bijdragen aan duurzaam beheerd bos, in lijn met maatschappelijke verwachtingen naar zowel natuurbehoud als houtproductie. We hopen tegelijk op deze manier perspectieven te geven aan de professionele houtverhandelende en -verwerkende sectoren.

Referenties

Afdeling Bos en Groen (2001). Beheervisie openbare bossen. Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Brussel.

ANB (2017). Opmaak van houtproductiedoelen voor Vlaamse bossen in beheer bij het Agentschap voor Natuur en Bos.

Dalemans, F., P. Jacxsens, J. Van Orshoven, V. Kint, P. Moonen, and B. Muys (2015). Assisting Sustainable Forest Management and Forest Policy Planning with the Sim4Tree Decision Support System. Forests 6:859-878.

ISSN 2565-6953 – Bosrevue 67a

Bekijk pdf

 

Labels: